Zestien jaar geleden is het alweer dat ze werd geboren. Er zijn dan al drie
kinderen. Ze krijgt de mooie naam Faithful (Trouw). Ironisch genoeg sterft haar
moeder zes maanden later aan de gevolgen van Aids. Vader hertrouwt, maar binnen
een jaar sterven de vader en de andere kinderen ten gevolge van hetzelfde
verwoestende virus. Faithful blijft achter, bij haar stiefmoeder.
Er is geen sprake van liefde en zorg. De stiefmoeder en andere familieleden
verwachten dat Faithful ook wel binnenkort zal sterven. Op een dag komen een
verre oom en tante op bezoek. Tante schrikt als ze het getraumatiseerde,
eenzame meisje aantreft. Ze ziet hoe ze door de stiefmoeder wordt afgeranseld
voor het omstoten van een beker water. Er zijn veel meer donkere plekken zichtbaar
op haar lichaam. Ze vraagt naar het verhaal achter het kind. “Ik wacht op haar dood.
Dan zijn het huis en alle spullen van mij.” Tante is bewogen met het lot van
het meisje en vraagt of ze haar mee mag nemen.
En zo kwam Faithful bij mijn vriendin terrecht. In het begin weet ze zich
geen raad met de liefde en zorg. Langzaam maar zeker wordt ze lichamelijk en
emotioneel sterker. Ze begint te praten en zelfs te lachen. Er is geen spoor
van ziekte te bekennen, de uitslag van de test bevestigt dat. Het huisje en de
spullen die haar toebehoren zijn inmiddels door de stiefmoeder (onrechtmatig) verkocht.
Het geld had gebruikt kunnen worden voor het betalen van een opleiding.
Dat onze wegen elkaar kruisen is ook niet voor niets. Het is een vreugdevolle
uitdaging om deze tiener te begeleiden. Ze heeft inmiddels mijn hele
engelstalige boekencollectie verslonden. Dit jaar doet ze examen en wil dan… dokter
worden. Ze wil gebruikt worden in de strijd tegen Hiv-Aids. Een hoge ambitie
voor een kind van zo’n komaf, maar God’s trouw strekt zich uit naar schijnbaar
kansloze meisjes. Faithful’s voorbeeld geeft mij hoop. God heeft in het
verleden ook al zoveel jonge vrouwen willen gebruiken in Zijn plan met de
wereld. Het is alle moeite waard om te investeren in jonge mensen. Zoals God
dat al 16 jaren trouw doet!
Vrouwendag
We stuiterden over ruwe rostweggetjes naar de kerk. Op een heuvel in een prachtige
omgeving stonden vier onafgemaakte muurtjes. Dat was de zaal waar ik die dag
mocht spreken. Er zaten acht vrouwen op een mat in de zon, er was namelijk geen
dak. De voorganger die me had uitgenodigd vroeg hen waarom er maar zo weinig
vrouwen waren. Er was die ochtend in een van de omringende dorpen een
belangrijke man gestorven. De klaagvrouwen waren dus hun uitvaartsbijdrage aan
het leveren. We besloten de heuvel af te lopen en rond te kijken. Bij de
waterput in het dorp was het een drukte van belang. Vrouwen en kinderen stonden
met hun emmers op hun beurt te wachten. We nodigden de vrouwen uit voor ons
programma. Met emmers water op het hoofd liepen enkele vrouwen de heuvel op
naar de kerk. Een paar uur later begonnen we met zo’n zeventig vrouwen vanwie
de meesten geen man meer hadden. Voor velen van hen was de boodschap van schepping,
zonde en genade helemaal nieuw! Op een houtvuurtje naast de kerk werd een grote
pot Nsima en kool gekookt. De zandkorrels knarsten tussen mijn kiezen tijdens
het eten. Jaloers keek ik naar al die vrouwen die zomaar uren in de zon konden
zitten zonder te verbranden. Inmiddels zag ik zo rood als een kreeft. Behalve
een dak was ook een tiolet afwezig. Er stonden wel struikjes... met dorens! Na
de Evangelie boodschap en de lunch vertelde ik het verhaal van de Samaritaans
vrouw. Opvallend hoe veel punten van
vergelijking er zijn tussen die geschiedenis en het leven van deze vrouwen. Jezus
rijkte uit naar een zondige vrouw en bood haar, op de rand van een waterput, Levend
water aan! De blikken in de door het harde Afrikaanse leven getekende gezichten
zal ik niet meer vergeten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten