26 mei 2012

Begrafenis bij de buren


Het is nog vroeg, zes uur, vanmorgen. Ik word wakker met koormuziek. Droom ik nog? Bij het aankleden hoor ik het nog steeds, prachtig accapella. Als we het hek uit rijden om de kids naar school te brengen zien we boomtakken op straat liggen. We weten genoeg. Er is iemand gestorven bij onze linker buren. Uren lang word er gezongen, mensen komen af en aan. Cees en ik gaan ook, niet voor ik een waardige chitenge (wikkelrok) om heb gedaan. Dat is essentieel, een teken van respect. We gaan ook maar ergens op de grond zitten. De 84 jarige vader van de buurvrouw is gestorven. Zij, als oudste is verantwoordelijk voor de begrafenis. Al wonen deze malawianen al lang niet meer in een hut, ineens gelden de oude regels weer. Alle meubels zijn uit het huis gehaald en overall liggen nu traditionele matten op de grond. De vrouwen zitten daarop, met hun benen recht vooruit. Zo’n houding houdt ik maar even vol. 

Het zingen duurt voort, prachtig vier stemming. Wij kennen de liederen ook. Alle christenen, van welke denominatie ook, zingen hier uit de zelfde liedbundel. Chichewa hymns, daar zongen we in Zambia ook altijd uit. Onze buren zijn catholiek, de vader was 7de dag Adventist, wij gereformeerd. Kun je nagaan hoe we in kerkelijk Nederland met zangbundels omgaan. Een luxe problem, net zoals welke bijbel vertaling je gebruikt. Hier is maar 1 vertaling, de oude Chichewa vertaling in gebruik, of je nu in een charismatische, evangelische, gereformeerde of andersins achtige kerk thuis hoort.

Terwijl wij op een gegeven moment weer naar huis gaan houdt het zingen nog altijd aan. Niet door dezelfde mensen, het is een komen en gaan. Je gezicht laten zien en een poos meezingen is vergelijkbaar met onze condoleance gewoonte.  Onze slaapkamer ligt 3 meter van hun woonkamer vandaan dus val ik s avonds weer inslaap met koormuziek op de ‘achtergrond’. Om 1 uur houdt het op. Velen die van ver zijn gekomen blijven slapen, niet binnen maar buiten, gewoon precies zoals het in de traditionele dorpjes ook gebeurd. Veel mensen krijgen na een begrafenis malaria.

De volgende morgen begint het zingen weer, heel stichtelijk. Dan opens is het tijd voor het klagen, dat is de rol voor de vrouwen. Het ‘huilen’ is op grote afstand nog te horen. De mannen roepen zo nu en dan een phrase over de gestorvene. ‘oh, vader, hoe kunnen we nu toch verder zonder u?’ Ondertussen moet er ook voor eten worden gezorgd. Ieder lid van de gemeenschap is geacht iets bij te dragen, brandhout, maismeel, groente, doeken of geld. Achter alle oprechte symphatie schuilt toch ook nog het oude idee van je eigen onschuld aan het sterfgeval bewijzen. Gemengde gevoelens voor familie en buren; liefde en vrees. Je respect en liefde laten zien door geestelijke liederen te zingen en iets te schenken. Dan  ook mee naar het graf om de geest van de overledene ‘uit te zenden’ zodat het je nooit op een negatieve manier zal achtervolgen. 

Waarom gaan wij dan ook op bezoek en brengen we een zak maismeel? We willen onze vriendschap tonen en niet onverschillig overkomen, hoe anders we het zelf dan ook gewend zijn. Twee dagen lang van 6 uur smorgens tot 1 uur snachts zingen vind ik wel wat lang. Toch kan ik me voorstellen dat als je in een niet-pricacy maar een gemeenschaps cultuur thuis hoort, steun ervaart van zingende buren en kerk leden.

16 april 2012

De mug en de vis

Pasen

Twee weken Paas vakantie gehad met de kids. Soms lastig om dingen te bedenken om te doen. Je hebt hier niet veel. We waren blij met het Church camp dat in het Paas weekend viel. Met zo’n 8 gezinnen van de gemeente zijn we naar een stuk bos geweest een uur hier vandaan. De zeebra’s keken wel gek op dat er zomaar ineens allemaal tenten uit de grond kwamen zetten. Een uitdaging was het wel om gewoon in de bush, geen electriciteit en andere voorzieningen, een paar dagen te bivakkeren. Er waren 3 sprekers uit de VS gekomen om ons en onze kinderen als het ware op te laden. We stonden stil bij Romeinen 4-8. Het was prachtig zo onder de sterrenhemel. De kleine jongens sliepen ook best, op hun matje naast ons na zo’n dag rond struinen in de bush! Omdat Rhode en Joas dat weekend ook jarig waren hebben we ze nog een paar daagjes mee naar het meer genomen, nog een uurtje verder. Voor weinig geld kunnen we dan in een oud maar prima huisje in de duinen verblijven. Het water was heerlijk, zelf voor mij, de kou-kleum van de clan. We werden wel even met onze neus op de feiten gedrukt...

 

De aap en de vis

Kennen jullie dat verhaaltje? Een aap ziet een vis tegen de sterke stroom op zwemmen. De vis komt niet vooruit. De aap denkt dat de vis te moe is en rust nodig heeft. Aap vangt de vis, legt hem op de oever. Eerst spartelt de vis nog maar spoedig komt de vis tot diepe rust. Aap heeft echt het gevoel dat hij de vis gehopen heeft. Een illustratie van zendings / hulp organisaties die met goede bedoelingen initiatieven nemen maar in plaats van helpen schade berokkenen.

 

 

Dan heb ik nu mijn eigen verhaaltje dat helaas op waarheid berust.

 

Mug of vis

Er wordt een grote sponsor actie gehouden. Kinderen rennen of zwemmen( kilo)meters af om zoveel mogelijk geld op te halen. Opa’s en oma’s, ouders, buren, gemeente leden, zakenmensen schrijven hun namen op de sponsor lijsten met de bedragen per (kilo)meter erbij. Van de geweldige opbrengst worden namelijk muskieten netten gekocht en uitgedeeld aan de arme mensen in Afrika waar Malaria ‘killer number one’ is. De netten worden gekocht en via via gedistribueerd aan de mensen die aan de kust van het meer wonen. Daar heest de meeste Malaria vanwege de lage ligging. Dorpelingen ontvangen de netten met grote blijdschap. Met man en macht worden al die netten aan elkaar genaaid. 8 vissers srpingen in hun boot, varen een stuk het meer op, gooien het enorme net uit, roeien aan land en trekken met 2 teams het net aan land. Honderden piepkleine visjes spartelen in het net, maar 5 grote vissen zitten bij de oogst. Of ik een kilootje wil kopen? “Gooien jullie die baby visjes niet terug? Nu heb je 20 visjes nodig per persoon, over 6 maanden kan je daar 20 mensen mee voeden!” Ja, ze snapten me wel, maar vandaag hadden ze honger dus alle visjes verdwenen in de pan.

We lazen laasts het boekje “When helping hurts”, een aanrader voor iedereen die anderen wil helpen (cross cultureel). Wat gaat er helaas veel mis op dat gebied! Geheim is denk ik,  oa. lijntjes heel kort houden. Er valt nog veel meer over te zeggen uiteraard!

 

Boodschappen

En toen de kids vanmorgen weer naar school gingen was het hoog tijd voor een taalles (daar kom je niet aan toe als je 4 kids om je heen hebt dwarrelen) en uiteraard....BOODSCHAPPEN. Ja, voor een 6 persoons huishouden waar ook zeer regelmatig gasten mee eten gaat er heel wat om! Met 50.000 Kwacha ging ik om 10 uur weg van huis. Eerst naar de markt, daar zou ik een hoofdstuk Opdringerigheid over kunnen schrijven (heel anders als in Zambia) maar dat doe ik nu niet. Wat wel heel gaaf was, er was bloemkool!!! Het is vanavond dus even feest aan tafel. In Chewu, een dorp 2 uur hier vandaan is het klimaat geschikt voor dat soort groenten. De kaassaus denken we erbij, hoewel... Cees is bijna 1 keer per maand in Zambia en dan doet hij gelijk boodschappen (aangezien er hier in Malawi tekorten zijn en komen aan allerlei producten). Behalve suiker heeft hij ook een paar blokken kaas gekocht, dus: Bloemkool met kaassaus! We zijn Hollanders of we zijn het niet?!

Toen naar Shoprite, de supermarkt. Veel vakken zijn leeg tegenwoordig maar ik kon er nog prima limonadesiroop, blikjes tonijn, zeep en ketchup kopen. Op naar Bowers, een Zuid Afrikaans winkeltje waar ze gelukkig nog rijstwafels verkopen (mijn dagelijks brood). De heuvel op naar Santa Plaza voor een paar dozen melk , even om de post, dan nog brood kopen bij Foodzone (ja echt, bruinbrood!) en toen was het alweer tijd om Rhode van school op te halen. Cees ontfermde zich inmiddels over de kleine jongens. De temperatuur in de auto was nogal gestegen tijdens al die uren en de chineese kool las verlept boven op de andere markt producten. Op de hoek van onze straat nog even bananen en annanassen door het open raampje kopen (drive through)o ja, Cees vroeg nog om Talktime (bel tegoed) en dat verkopen ze in het muurshopje in dezelfde straat...Thuis! Lege portemonnee. Uitladen maar. Het was 12.50 uur. Lunch eten, jongens naar bed, Rhode helpen met huiswerk, kamer opruimen, blog schrijven, jongens uit bed vissen, Joas ophalen van school, eten koken, eten (ook een hoofdstuk op zich, k zou er de titel Herrie boven kunnen zetten), iedereen badderen, schooltassen klaarmaken voor de volgende dag, kinderen naar bed doen met bijbehorende rituelen, even emails checken, was aanzetten, lezen, bidden, SLAPEN!

 

Weltrusten!

 

Mirjam

 

 

21 maart 2012

Wachten in Malawi


Wacht en wees sterk!

“Wacht op de HEERE, wees sterk, en Hij zal uw hart versterken.”  Psalm 27
                                                               
“De Heere is mijn licht,” zijn Davids openingswoorden. Als dat zo is zit je tenminste niet in een donkere wachtkamer. Dat is maar goed ook want wachten kan moeilijk zijn.
Het eerste deel van psalm 27 is een getuigenis van wie de Heere is. Omdat Hij onze levenskracht is en ons laat schuilen in Zijn veilige woning hoeven we ons geen zorgen te maken.
Hoe komt het dan dat wij, gelovigen, ons toch vaak  zorgen maken? Misschien laten we ons niet genoeg de moed door Hem inspreken, en wachten we niet gelovig op Zijn daden. We zijn vaak van die doe-het-zelvers. Laten we David’ s voorbeeld opvolgen. Hij zoekt Gods aangezicht en vraagt om Zijn leiding. David spreekt zichzelf de moed in, maar niet met een goedkoop ‘kop op’ of ‘houd je taai’. De woorden aan het eind van de psalm róepen het gewoonweg uit: “Wacht op de Heere, wees sterk en Hij zal uw hart sterk maken; ja, wacht op de Heere!”
Op welke dingen wachten we? De ware Jakob in ons leven, verlossing van vijanden, de bekering van een familielid, genezing, weten wat Gods wil in ons leven is, een kindje? Vul het voor jezelf maar in. Brengen we het in geloof bij Hem en laten we het daar?
In deze psalm is het een opdracht, wacht! We moeten op God wachten met het verlangen ons aan Zijn wil te onderwerpen. Hij weet echt wat het beste voor ons is. Het kan een beproeving voor ons zijn, maar het wordt beloond. God zal ons hart sterk maken.
Soms is de tijd in de wachtkamer al een zegen op zich, als het Licht maar brandt…!

Dit dagboekstukje schreef ik vorig jaar voor het dagboek Sprankelend (info). Een paar maanden na het tikken van dit stukje belandden we zelf in de ‘wachtkamer’. Geen wachtkamer met comfortabele stoelen, een koffie automaat en tijdschriften om de tijd mee door te komen. De wachtkamer is groot en voor ons soms zo onoverzichtelijk. Veel is anders, alle gezichten zijn nieuw en het licht gaat letterlijk heel vaak uit. In deze wachtkamer hebben we onze koffers en dozen uitgepakt en alles een plekje proberen te geven. Veel dingen brengen herinneringen boven aan het leven waar we nog maar zo kort geleden afscheid van hebben genomen. Wachten temidden van alles wat op een gezin afkomt in een transitie kost bergen energie en heeft meer weg van jagen dan van wachten, maar wachten is tenslotte een werkwoord. Toch hebben al die vermoeiende activiteiten niet veel met het Bijbels wachten te maken. Wachten op de Heere is echt wat anders en het wordt me steeds duidelijker dat er heel veel lessen geleerd worden in de Wachtkamer. Waarom zou God ons anders laten wachten in bepaalde periodes van ons leven? Als daar je ogen voor open gaan dan is de tijd in de wachtkamer inderdaad een zegen op zich!

Laat ik dan ook maar met die lessen op de proppen komen want dan blijft het niet alleen maar bij een mooi geestelijk praatje, hoe oprecht het ook is.

Eventuele trots en eigen eer worden helemaal onderuit gehaald. Zendelingen zijn in hun werk ook vaak ‘goede verhalen’ of ‘aansprekende plaatjes’ aan het verzamelen om bv in de nieuwsbrief te zetten of te gebruken tijdens een presentatie. De bedoeling van zo’n nieuwsbrief  of presentatie is  de achterban op de hoogte te stellen van Gods werk op het zendingsveld, maar hoe vaak zit er ook niet een stukje trots en eer bij. We hebben al maanden geen bijzondere geestelijke successen kunnen vermelden in onze nieuwsbrieven. Dat maakt je nederig en kwetsbaar, je weet immers hoe graag de achterban juist wel die bijzondere successen wil lezen. We geloven dat God ons hier heeft geroepen en daarom moeten we, als gedachten bovenborrelen van ‘wat zal de achterban wel denken?’, bedenken dat de realiteit van Gods wijze plan boven alles staat.

Op meerdere manieren maakt het verblijf in de wachtkamer ons nederig. Vorig jaar waren we nog de ‘principal en amai-principal’ van een prachtig zendings college op een rurale zendingspost, nu zijn we helemaal niks. We hebben honderden nieuwe contacten gelegd maar omdat we, door verschillende redenen, nog niet met een bepaalde bediening worden geidentificeerd, hebben we geen enkele status. Toen ik gevraagd werd of ik eventueel tijdens de zondagschool les een bekertje limonade kon schenken voelde ik me even heel klein. Degene die me vroeg had geen enkel idee van wat ik zogezegd in mijn mars heb op dat gebied. Cees werd pas na maanden gevraagd of hij evt een preekbeurt kon waarnemen, terwijl hij in Zambia naast al het college werk ook bijna elke zondag voorging. Ik ben blij met deze ervaringen. Ik groei van klein worden. God is bezig met een vormings proces. Hij is de pottenbakker, ik ben de klei.

Als je nieuwe mensen ontmoet wordt de onherroepelijke vraag altijd weer gesteld; ‘Wat doen jullie hier?’ Ik realiseer me dat het werk in Zambia ons een sterke identiteit gaf, en die hebben we op moeten geven. Je verleent jezelf nu eenmaal geen identiteit aan taal en-cultuur studie, kinderen heen weer weer naar school brengen, gaas voor de ramen timmeren, bij kaarslicht kinderen in bad doen en maaltijden koken, veld onderzoek, vergaderen en raporten schrijven. Maar waar gaat het om? Onze identiteit ligt niet in wat we doen, het ligt in wie we zijn in Christus! In Gods ogen zijn deze maanden in de wachtkamer niet waardeloos, Hij heeft het immers zelf zo voor ons bedacht. Ik moet denken aan het gedicht van Corry ten Boom over Gods borduurwerk:

Mijn leven is een weefsel                                        Als ’t weefgetouw zal rusten
Tussen mijn God en mij.                                         En de spoel schiet niet meer om,
Niet ik kies de kleuren;                                            Zal God het doek ontvouwen
Heel doelbewust werkt Hij.                                 En verklaart Hij het waarom.
Soms weeft Hij er verdriet in,                             Hoe nodig donk’re draden
En ik, door onverstand,                                          zijn in de Wevers Hand
Vergeet, Hij ziet de boven-                                    naast goud- en zilverdraden.
En ik de onderkant.                                                    Zo komt Zijn plan tot stand.

Het is bijna onnodig om te schrijven dat je door te wachten op God ook les krijgt in vertrouwen op en in Hem. Je kun niet anders. Wachten maakt je onzeker en dat heeft dan weer tot gevolg dat je je richt op de enige zekerheid en dat is God. Het gevoel zit niet altijd zo mee, daarom hebben we ook verstand erbij gekregen. Hij is onze Vader en de Bijbel laat ons zo duidelijk zien wat voor vader Hij is. Zou ik dan twijfelen aan Zijn goede bedoelingen? Weinig dingen kunnen God meer eren dan dat ik op Hem wacht. Daarmee toon ik mijn vertrouwen in Hem. Natuurlijk wordt dat vertrouwen beproefd! Twijfels komen boven en soms zou ik het liefst het eerste het beste vliegtuig naar Nederland willen nemen en daar gaan settelen alsof er helemaal geen roeping  voor het zendingsveld is. En dan fantaseer ik over alle geweldige dingen die mijn vriendinnen en hun gezinnen daar allemaal wel hebben en wij hier niet. En zie, de twijfel baart zonde. Weg ermee, bidden in plaats van fantaseren (en begeren). Een vrucht van beproeving is gebed. Gebed terwijl ik voor de zoveelste keer de kamer loop op te ruimen of de ingredienten voor de roerbakschotel sta te snijden. Met twee peuters die je heel de dag door nodig hebben zijn er niet veel stille momenten en als de laatste s avonds ligt komt mijn hele systeem ook tot stilstand. Gelukkig zit de waarde van mijn gebed niet in de lengte maar in de echtheid ervan. En wat een geweldige troost dat de Zoon en de Geest en familie en vrienden ook voor ons bidden. Voor Gods werk, door ons.  We hebben de opdracht te ‘bloeien daar waar God ons heeft geplant’, dat we dan maar mooie plantjes in de wachtkamer mogen zijn!

Mirjam 


8 februari 2012

Gek is normaal, normaal is gek…


Je zou denken dat de lokale mensen vooral opkijken van de dingen die wij anders doen als zij. Eten met vork en mes, kinderen in een wagentje, enz. Het valt me echter op dat het tegenovergestelde waar is. Het zijn juist de dingen die wij hetzelfde doen als zij, waar men van opkijkt en meestal ook commentaar op geeft. Misschien omdat de meeste blanken hier die dingen niet doen?

Ik ben een van de weinige blanke vrouwen die zelf mijn boodschappen op de markt doe. Het is niet altijd een even prettig klusje. In het regenseizoen is het een enorme vieze bende van modder en vuilnis. Toch wil ik zelf mijn eigen verse groenten zien, voor ik ze koop. Onze taal juf moest erg lachen toen ik vertelde dat een van mijn eerste zinnetjes Chechewa ‘ik wil het zelf doen’ was. De meeste buitenlanders sturen hun werker op pad. Ook op de markt wil ik het zelf doen, met mijn grote boodschappenmand langs de stalletje. De loslopende verkopers stoppen nogal eens dingen in mijn mand met de mededeling hoeveel het kost. Sorry, haal er maar weer uit, ik wil het zelf doen! (k Ben er een keer ingetrapt en thuis gekomen zag ik dat alle tomaten en aardappelen onderin rot waren.)

Verder kreeg Cees gister weer commentaar van de verkoper toen hij een 20 kilo zak maismeel kocht. “Jij, Mzungu, koopt maismeel?! Eten jullie echt Nsima?!” Ja hoor, wij zijn hele gewone mensen en wij eten ook Nsima, net als jullie. Het is zelfs het meest favoriete eten van onze kids. Als we soms bij lokale mensen eten en zij hebben hun best gedaan europees eten klaar te maken (macaroni met aardappels) dan zijn de kids teleurgesteld, waarom geen Nsima? Blijkbaar vinden veel blanken het maar niks om dat ‘behangplaksel’ te eten.

Loop ik met een kind in een doek op mijn rug (liep moet ik zeggen want ondertussen is Mozes wel een beetje te zwaar geworden daarvoor, hoewel het soms nog wel handig is, bv als hij moe is tijdens een strandwandeling aan het meer) dan wordt ik lachend na gekeken. Als een blanke zoiets doet is het blijkbaar vreselijk grappig…

Iedereen hier is blij met de fietstaxi’s, zeker tijdens deze (brandstof)crisis! Een fietstaxi is een gewone fiets met bagagedrager (als je geluk hebt zit er een kussentje op). Als ik met de jongens door onze wijk loop komen we veel van die taxi’s tegen. Bagage hangt aan het stuur, desnoods huur je een extra fietstaxi voor je bagage als je veel hebt. Veel goedkoper dan een autotaxi natuurlijk. Passagiers zullen ook zeker niet afstappen als de weg stijl omhoog gaat, je betaalt immers voor transport! Zwetend en zwoegend ploeteren de ‘chauffeurs’ de heuvels op, de modder door. Ik zou graag de gezichten van onze buren willen zien als wij, omdat de diesel op is geraakt, per fietstaxi op bezoek bij vrienden zouden gaan. 5 fietsen op een rij, Obed en Mozes kunnen wel samen op zo’n kussentje…Misschien is het nog wel eens nodig…De vraag rijst natuurlijk waarom we zelf niet gewoon fietsen. Dat zit zo, een fiets kopen, hebben, gebruiken en onderhouden is hier een fulltime job. Als je hier een fiets koopt, koop je in feite een frame want alle losse onderdelen zijn van zeer slechte kwaliteit. Die blijf je dus altijd maar weer opknappen en vervangen…(we hebben ervaring). Je zou er iemand voor in dienst kunnen hebben zeg maar. Misschien toch maar eens een keer fietsen uit Nederland verschepen. Hoewel, het is de vraag of het veilig is voor ons om hier te fietsen, helaas!


Vorige week zondag waren we in een dorpje op bezoek. Cees preekte over de vijf wijze en vijf dwaze maagden. Omdat het nog steeds veel te moeilijk ik om in de stamtaal te preken had hij een vertaler nodig. De knul die daarvoor op werd getrommeld was volgens de kerkeraad de beste kandidaat. Wat was het een struggle! (Weer zijn we met onze neus op de feiten gedrukt dat beheersing van de stamtaal een must is wil je echt wat bereiken.) Gelukkig kennen we genoeg om te horen of de vertaling klopt, of niet. Dus, toen het echt even mis ging, en Cees het zelf maar in Chechewa zei lag de hele gemeente (180 mensen in een piepklein gebouwtje) dubbel van de lach. Niet omdat hij het fout deed, maar juist omdat hij het goed deed. Snappen jullie dat nou? Wij wel, inmiddels.

31 december 2011

Oudjaar


Oudjaar
Ze zijn gelukt!! Voor het eerst na 7 jaar heb ik weer eens een oliebol gegeten, glutenvrij. Bij mij lukken de meeste dingen zolang ik geen recept, maar mijn intuitie volg. De gewone oliebollen voor de rest van het gezin zijn overigens ook gelukt. In Zambia kon je ze gewoon op de markt kopen trouwens, elke dag van het jaar. Hier heb ik ze nog niet ontdekt en de school deed ook geen oliebollen actie, zoals elk jaar in Vlissingen. Logisch, voor niet-Nederlanders hebben oliebollen en oudjaarsdag helemaal niets met elkaar te maken! Iedereen een goede jaarwisseling gewenst!

Liften
Zo doe je nog eens dingen die je niet in je hoofd zou halen normaal gesproken. Maar ons leven lijkt dan ook vaak niet helemaal normaal, eerder nomadisch. We hebben al heel wat keertjes verhuisd, heel wat keertjes autopech-in-de-rimboe gehad en heel wat keertjes op de meest vreemde plekken gelogeerd. We gingen onze spullen ophalen in Zambia. Alles ging redelijk soepel maar toen we na wat vreemde bewegingen en rare geluiden de auto aan de kant van de weg zetten zat het wiel nog maar op 2 mm vast aan de as, alle 5 de schroeven waren eraf getrild! Wat zijn we bewaard gebleven! In de bush vind je geen nieuwe of andere schroeven dus...lieten we de auto staan en stonden we met zijn zessen aan de kant van de weg te liften. En maar hopen op een auto...jawel, een kleine taxi stopte, telde en knikte. Alle passagiers die al aan boord zaten moesten voorin op 1 stoel en wij in stapeltjes van 2 op de krappe achterbank! Ruimte zat, volgens de chauffeur. In het eerst volgende stadje ben ik met de kids naar een gasthuis gegaan en is Cees op zoek naar schroeven gegaan, zonder succes dus heeft hij zich weer naar de auto terug laten brengen, heeft van de andere wielen elk 1 schroef gehaald en kwam dan toch s avonds laat bij ons aan. Onze spullen stonden aan de grens. Een heleboel stress en frustraties (over corruptie) verder hebben we dan toch onze inboedel binnen 6 dagen thuis gekregen, over een afstand van 400 km. Voor verhuizende Nederlandse dominees gaat dat iets sneller en soepeler geloof ik.

5 Dec...
7 Uur ‘s avonds  schoot het me te binnen, ‘t was 5 december! We hadden per post chocolade letters gekregen uit Nederland, die had ik bewaard voor de bewuste avond. “ Jongens, het is 5 dec vandaag...wat kan dat betekenen?” ....stilte... “Uhh, Koninginnedag?” zei Joas. Wat een Hollander! Zeker gebrek in de opvoeding? In elk geval was het 2 dagen later een paar dagen pakjes-dag toen onze spullen arriveerden. Het hele verhuis verhaal was nu compleet, de kleine boy’s hebben elk stapje meegemaakt. Ze spelen vaak ‘verhuizertje’..., maar die hadden we nou juist niet!

Kerstvakantie
De kids hebben hier Kerstvakantie, een hele maand! Om die een beetje in te vullen maakten we een plan om het ongerepte Liwonde National Park te bezoeken. In tegenstelling tot Zambia zijn hier de faciliteiten voor toeristen nog niet zo erg ontwikkeld. Met de huidige brandstof crisis zal het alleen nog maar slechter gaan. Zaterdag 24 dec trok Cees dus maar de stoute schoenen aan om te tanken, wilden we naar het park afreizen. Zeven lange saaie uren bracht hij door in de rij voor hij aan de beurt was. Gelukkig, er was nog! Zodoende zijn we 27 dec naar Liwonde gereden, een prachtige route door het land. De Great Rift Valley loopt door Malawi en wil je naar het meer of de rivier vallei dan moet je dus dat gebergte doorkruisen. Het enige fatsoelijke gasthuis bij het park is voor ons onbetaalbaar dus besloten we te kamperen. Opnieuw was ik verbaasd over zoveel heldhaftigheid van onszelf! Kamperen in Malawi betekent gewoon; bush, wilde dieren, tentje onder de boom. Niks geen electriciteit, mooie grasveldjes, hekken en sanitaire voorzieningen. Onze tent was gewoon een partytent dus een net scheidde ons van de rondgrazende nijlpaarden, oliefanten en hyena’s ’s nachts (die meestal wat achter lieten bij vertrek) en sliepen op een zandvloertje! Ideaal voor degende die snachts nodig moet, je graaft een kuilte... en zand erover. Zodra de zon op was zijn we gaan toeren, op safarie. Geweldig, de dieren, de natuur! We hebben ’s middags een boottocht over de Shire-river gemaakt. Een enorme kudde oliefanten, we telden er 47, kwam aan de oever drinken en badderen. Schitterend! Nijlpaarden en krokodillen geeuwden onverschillig terwijl we langs voeren. Zodra de zon onder ging, gingen wij ook onder...in het zand. Loeiende hippo’s hielden me lang wakker. 2 Nachtjes vond ik wel weer eventjes genoeg!

2012
Wat gaat dit jaar ons brengen? Nieuw werk, nieuwe contacten, nieuwe uitdagingen. We hopen en bidden op Gods zegen, Zijn aanwezigheid in ons leven, Zijn sturende en zegenende handen. Dat wensen we jullie ook toe. Wat kunnen we veel goede voornemens hebben...maar die weerbarstige realiteit!!! Ik leg het maar in Gods handen, Hij weet alles, weet wat ieder nodig heeft! Laten we voor elkaar blijven bidden.

27 november 2011

Geurtjes


Opmerkelijke geurtjes mengen zich om ons heen. Ten eerste regent het net en die geur is zo typerend. Het is nu de heetste maand van het jaar. De aarde en het asfalt worden overdag, als de zon ook maar even schijnt, heel heet. Als daar dan de verse regendruppels op vallen geeft het een bijzondere lucht. Links van ons worden verse maiskolven op een vuurtje geroosterd, een heerlijke geur die me doet watertanden. Aan de andere kant, de andere buren, worden muizen gebarbecued denk ik, de lucht van verschroeid haar. Het kan echter ook zo zijn dat dochterlief de puntjes van haar vlechtjes met een verhit leeg blikje verschroeit zodat er geen elastiekje meer in hoeven. Verder ruikt het ook naar het mango-kip gerecht dat ik net gekookt heb. Ik had geen groente meer in huis (zonder koelkast valt het soms niet mee om in deze hitte alles goed te houden over het weekend), maar de takken van de mango bomen in onze tuin bezwijken onder het gewicht van de vele grote mango’s. Dus, kipje en mango’s geslacht, beetje kerrie poeder, gember, zout en peper, kokos, knoflook en ui… vers gekookte plakrijst erbij en smullen maar.

Cees en de kleine jongens zijn hun zondagmiddag dutje aan het doen. Soms proberen we met ‘Nederland’ te Skypen maar internet is droevig slecht. Meestal mislukken alle pogingen. Frustrerend soms, zeker als Cees belangrijke vergaderingen met onze kerk heeft. Die vinden voor hem ‘s nachts plaats ivm tijdsverschil. Als je dan van 12 tot 3 vooral bezig bent met verbinding proberen te maken dan zakt de motivatie wel.  Verder kunnen we ook geen grotere bestanden binnen halen, foto’s bijvoorbeeld.  Het versturen van de nieuwsbrief duurde ongeveer een hele middag. De opmerking in onze brief over de werkvergunning (we kregen bericht dat die klaar is!!!) heeft nog wat aanvulling nodig. We vroegen wanneer we het op kunnen halen zodat we ook  onze spullen uit Zambia kunnen gaan verhuizen. “Ja, jullie vergunning is inderdaad klaar, maar hij moet nog uitgetypt én ondertekend worden” “Okay, zullen we dan morgen maar terugkomen?” Probeert u het over een week, maar het kan ook een maand duren, hoor…” “Zucht.”   

Andere dingen maken me zo gelukkig. Neem nou Obed. Die zit in een soort ontwikkelings-spurt. Hij is ineens op allerlei terreinen aan het ontwikkelen. Zijn Engels wordt met de dag beter, hij bidt zelfs al in het Engels aan tafel (terwijl wij bewust Nederlands blijven praten in huis). Ik hoor ook wat hij op school blijkbaar regelmatig hoort; ‘Iwe, osa…!’ (you, don’t).  Sociaal gaat hij ook met sprongen vooruit. Sommige mensen die hij voor de tweede keer ziet krijgen spontaan een hug. Hij heeft bewust afscheid genomen van zijn speen (dat troost object wilden we hem gedurende de transitie niet ontnemen). Gisteren gingen we naar het zwembad van ABC (heerlijk!!!) en daar zwom hij zelfstandig 100 meter in zo’n speciaal zwempak om te leren zwemmen, zo’n prachtig gezicht vooral omdat hij nog zo klein is. Vanmorgen in de kerk participeerde hij volledig. Dwars door de gemeentezang zong hij uit volle borst “Lees je Bijbel, bid elke dag”.

Dat doen we. “Uw wil geschiede!”

2 november 2011

Een dor en droog land!?


Wonen in een droger… daar lijkt het nu wel op. De regenbuitjes begin oktober zijn uiteraard verdampt. Het echt droge, hete weer duurt alweer een paar weken. In Nederland zou het een extreme hittegolf worden genoemd die de voorpagina van het RD haalt. Hier is het heel gewoon. Voordeel is dat de was in na een half uur droogt en zodoende binnen een uur alweer in de kast ligt… tenminste als alle andere dingen ook meewerken. Dat is nou net niet helemaal het geval. Met wat flexibiliteit is er veel mogelijk. Toch maakte ik me even ongerust toen Obed voor de zoveelste keer had overgegeven, er geen stroom was om een wasje of drie te draaien en toen de stroom na 20 (!) uur terugkwam er geen water was. Laat ik nou net mijn emmer reserve water ook nog eens op gebruikt hebben.  Ik heb nog nooit eerder lakens gewassen in gekocht mineraal water, nu dus wel. Je moet wat.

Tja, de situatie hier in Malawi is echt niet om naar huis te schrijven. Het brandstof tekort en een tekort aan buitenlandse valuta blijken belangrijke schakels te zijn in de ketting van de maatschappij. Alles is met alles verbonden.  Volgens de krant is deze recessie nog maar het begin. Ik sprak mensen (buitenlanders) die overwegen naar huis te gaan. Maar als je beseft dat klagen niet tot eer van God is en we onze zegeningen moeten tellen kijk je weer anders tegen de dingen aan. Zo hadden we pas wel een hele dag stroom en kon Cees via Skype met de zendingscommissie vergaderen. Vandaag hebben we geen stroom maar wel weer water, dus staan er alweer twee emmers vol! Diesel en benzine blijven schaars en alleen met emmers geduld of zwart geld verkrijgbaar… Gelukkig zijn we nog een keer de grens met Zambia over geweest, en laat ik nou maandag een vergadering in Zambia hebben! Kan ik alweer vol tanken en een paar jerrycans vullen en mee terug nemen.

Er wordt met man en macht aan ons gasten verblijf gewerkt. We hebben naast ons huis ook nog een gebouwtje op het terrein bestaande uit drie kamers, wat sanitair en een grote schuur. Nathan en Charity, het jonge stel dat voor ons werkt, woont in een kamer. De andere twee en het sanitair hebben we laten renoveren tot een gasten verblijf. Echt op zijn Afrikaans wel, voor mijn idee veel te veel personeel op een veel te kleine klus. Drie loodgieters, twee elektriciens, 2 timmerlieden en nog 3 loopjongens die puinruimen en cement mixen…een heel leger dus. Ze zijn al dagen lang bezig, je zou dan toch een appartement verwachten waar je U tegen zegt…nou, dat valt mee. Maar onze eerste gast hoopt het as weekend te komen, uit Mozambique. Het is fijn om mensen te kunnen herbergen. We hebben al een paar keer mensen kunnen uitnodigen bij ons die bv op doorreis zijn of voor procedures hier moeten zijn etc. maar tot nu toe alleen voor maaltijden. Vanaf nu kunnen we ook een overnachtingsplekje aanbieden.

We zijn twee weken terug zo’n 5 uur gaan rijden, gewoon om het land meer te verkennen. Wow, we hebben echt genoten van de omgeving. Zodra je van de verharde weg afkomt en je de bushwegen inslaat zie je zoveel meer van het land. Al die heuvels, kronkelweggetjes, stukken bos, tuinen, dieren, droge rivierbeddingen en vooral al die kleine dorpjes als het ware uitgestrooid over het heuvellandschap. Dan gaat er wel wat door je heen. Hebben deze mensen het evangelie ooit gehoord? En als ze het ooit gehoord hebben, begrijpen ze het ook? Is er hier, in the middle of no-where, wel enig geestelijk voedsel te vinden? Uiteindelijk kwamen we aan de kust (ik bedoel natuurlijk het meer) terecht waar je  elke 5 km een moskee tegen komt, prachtige gebouwtjes met keurig geverfde torentjes. Cees en ik voelden allebei hetzelfde… er is een enorme nood voor binnenlandse evangelisten en zendelingen zowel voor hen die het oude geloof aanhangen als hen die onder eeuwenlange Arabische invloed moslim zijn.

We bidden om wijsheid en inzicht, bewogenheid en bevestiging.

Lieve groeten,
Mirjam